|
De historie van Neede in het kort
Neede moet al in de prehistorie bewoond zijn geweest, getuige de
archeologische vondsten. Zo is er in Neede aardewerk aangetroffen van
een beschaving die bekend staat als de "trechterbekercultuur". Deze
beschaving bestond uit akkerbouwers die leefden tussen 2700 en 2300 jaar
voor Christus.
De eerste geschriften over de bewoning van Neede dateren uit de elfde
eeuw. Dan blijkt uit goederenlijsten van het nonnenklooster Santa Maria
trans Aquam of Ueberwasser in Münster dat het onder andere bezittingen
heeft in Neede. Het klooster was eigenaar van het "hof Neede". De naam
van de grootste Needse wijk "de Hofmaat" herinnert nog aan dit
elfde-eeuwse hof.
De gemeenschap Neede bestond al in de twaalfde eeuw als het kerspel
Neede, behorend bij de heerlijkheid Borculo. Op een lijst van goederen,
die in 1188 toebehoorden aan graaf Hendrik van Dalen, heer van
Diepenheim, komen o.a. hofsteden onder Nedhe voor. In 1209 werden
tienden te Neithen verkocht aan de H. Egidius te Münster, terwijl in
1230 goederen onder Nithe, bisdom Münster, in pacht werden gegeven aan
het klooster Ter Hunnepe te Deventer.
De naam Neede
Evenals het gedeelte Neder uit het woord Nederland betekent Neede:
laaggelegen. In de 13e eeuw werd de plaats Nedhe, Neithen, Nithe en
Nidhe genoemd. Later werd het Nede en Neede. Het dorp zal zo genoemd
zijn, omdat het ten opzichte van de omgeving (de Needse berg) laag is
gelegen.
|